4Overall Score

Toen ik de korte inhoud van deze film las, leek het interessant. Ik wist niet of dit vanuit christelijk, neutraal of juist atheïstisch standpunt zou zijn. Het leek me gewoon boeiend om nog eens een film te bekijken over jongeren en hun ideeën over God. Ook de eeuwigdurende discussie ‘bestaat God’, kan nooit kwaad om nog eens aan te horen. Dus ben ik beginnen kijken…

Het Verhaal

God’s Not Dead, een film met een titel waar elke gelovige toch iéts langer naar zal kijken. De film is een soort mozaïek vertelling. Verschillende personages, met elk een andere achtergrond, blijken toch dichter bij elkaar te staan en meer verbanden te hebben dan je op het eerste moment zou denken. De hoofdpersonages zijn Josh (gespeeld door Shane Harper, bekend van High School Musical) en Professor Radisson (gespeeld door Kevin Sorbo, bekend van de 90′s TV-serie ‘hercules’). Tijdens de eerste les filosofie eist de professor dat elke leerling de zin ‘God’s dead’ ondertekent. Josh echter weigert en de professor daagt hem uit om te bewijzen dat God wél bestaat. Het onderzoek van Josh wordt de rode draad in de film. Onrechtstreeks is het verbonden met de vriendin van Professor Radisson, die ook christen is maar tegen hem niet mag praten over haar geloof. Wanneer Josh ook hulp vraagt aan priester Dave, leren we ook dat Dave zijn leven helemaal geen rust kent. Ook volgen we het verhaal van een jonge journaliste Amy Ryan (Trisha LaFache), die bekende christenen, zoals Willy en Korie Robertson, blijft interviewen en hun fouten naar boven tracht te halen voor het grote publiek. Op een dag wordt ze positief getest op kanker en valt haar drukke leventje in elkaar. Inmiddels wordt het onderzoek van Josh veel mensen te veel. Zijn vriendin Kara (Cassidy Gifford) laat hem vallen en zijn ouders staan niet achter hem. Anderen, die anders niet met het geloof bezig zijn, raken dan weer énorm betrokken. Zo is er Martin (Paul Kwo) die door zijn Aziatische roots weinig over het geloof mag spreken en toch zeer beïnvloed raakt door Josh zijn woorden. Aan de andere kant hebben we Ayisha (gespeeld door Hadeel Sittu) wiens vader een traditionele moslim is en haar verbied met andere religiën in contact te komen. Ook zij wordt geraakt door het pleidooi van Josh. Wanneer haar vader dat ontdekt, vallen er zware klappen.

Herkenbaar tot op het bot

Als je zelf christelijke roots hebt, of als jongere in de hoge school als christen de professors aanhoorde, dan is deze film zéér herkenbaar. Professors gaan er namelijk wel vaker van uit dat iedereen aan hun kant staat. Over religie of politiek nemen ze soms tegenstanders zwaar te grazen of kunnen ze mensen echt wel kraken. Dat heb ik tijdens mijn hoge school jaren ook wel mogen aanvoelen. Je zit braaf als leerling in een aula, terwijl vooraan een meneertje je ganse fundament aan het uitlachen is en iedereen rond je doet maar mee. Niemand rond je denkt namelijk echt na, ze zijn gewoon maar volgertjes. Je weet zelf, dat als de professor het atheïsme zou belachelijk maken, ze net hetzelfde zouden doen. Ze slikken gewoon alles. Jij, als christen duikt weg, wordt rood of laat een valse glimlach achter op je gezicht…zodat niemand merkt dat je het eigenlijk totaal niet grappig vind.

Met dit soort situatie start de film. Daarom is het begin ook zo herkenbaar. Het gaat over een jongen die niet weg duikt, die wéét dat de meerderheid maar volgt om te volgen en daar ook iets aan wil doen: de meerderheid een andere mening laten horen. De professor daagt hem uit te bewijzen dat God bestaat en Josh zegt dat de klasgenoten de jury moeten zijn. In het begin lijkt het niemand te interesseren, dan begint het respect naar voren te komen. Eerst het respect dat hij zo zeker is van zijn geloof, dan het respect voor dat geloof. Een zeer mooie evolutie binnen de groep. Als je nooit een andere mening kan of mag te horen krijgen, hoe kun je dan kiezen waarvoor je staat in het leven?

Ongeloofwaardige weg naar het ‘happy end’

(Let op, de volgende tekst bevat spoilers.)
Helaas vervalt de film na een poosje in wat we de ‘typisch christelijke films’ noemen. Het wordt ongeloofwaardig. De atheïstische professor laat in frustratie vallen waarom hij atheïst werd: zijn moeder stierf, terwijl hij zo vaak gevraagd had aan God haar te laten leven…
Later pikt Josh hier op in door in zijn pleidooi de professor te vragen: “Haat je God?” De professor antwoordt daarop dat hij God inderdaad haat, waarop Josh zegt: “Hoe kun je iemand haten waarin je niet gelooft!”. Op dat moment is de muziek op zijn hoogtepunt. Dit zou ‘de bom’ zijn in de film, ‘het punt van bekering’ voor de kijker…maar we hebben allemaal rond ons atheïstische vrienden en we weten allemaal wel dat dit niét de bom is. Atheïsten haten het idee van een God, doordat volgelingen zoveel verschillende ideeën hebben van wat zijn wil is. Ze haten het idee van een God omdat er door godsdiensten zoveel volkeren onder druk worden gezet. Omdat zovele mensen doen wat er geschreven staat zonder zich af te vragen waarom dat dit geschreven staat. Ze haten het idee van God omdat er voortdurend langs alle hoeken waar ze komen een soort van bekeringsdrang moet zijn, terwijl ze voor zichzelf willen uitmaken en beslissen. Dat haten ze. Dus op dit punt slaat de film er helemaal naast.

De ongeloofwaardigheid wordt groter. De professor is geraakt. Hij is inmiddels alles kwijt. Zijn vriendin heeft helemaal voor het geloof gekozen en is van hem weg gegaan. Hij loopt roekeloos op straat en wordt er aangereden…en daar is priester Dave. Terwijl priester Dave net zo goed een ambulance kan bellen en écht hulp gaat halen, vraagt hij, midden in de regen “geloof je in Jezus” ? De professor bekeert hem en beslist voor Jezus te leven. Even later sterft hij. Uiteraard. Een charismatisch einde dat voor mij net toont hoe het niét moet. Er wordt té veel gestreefd naar het ‘Happy End’ of de ‘perfecte bekering’, iets wat we dus altijd zien terug komen in christelijke films.

Christenen zijn goed, atheïsten zijn slecht

Dat is waar de hele film om draait. Zoals elke andere christelijke film, zijn alle christenen happy people en altijd lief, zijn alle atheïsten ongelooflijke kapitalistische monsters en brengt het verhaal op het einde een dramatische bekering van de uber-atheïst. We weten allemaal dat dit de werkelijkheid niet is. Toch had ik in het begin het gevoel dat de film over verschillende christenen ging en ook ging aantonen dat niet alles wat een christen doet zo goed is. Wat voor mij de realiteit dichter zou brengen. We herkennen genoeg meningsverschillen binnen onze omgeving. Alleen al het feit dat we wijn vervangen met druivensap in de kerk is een discussie waard. In deze film werd de levenswijze van Willy en Karie Robertson  in vraag gesteld. Ze zijn jagers en vele milieu-activisten protesteren hier tegen. Dit is voor mij ook een belangrijk begrip en ik kreeg een afkeer van ze. Toch zien we dat de film uiteindelijk hun werk goed keurt en hier duidelijk wil maken dat we als christen ook onze vrije mening hebben.

Een mooi begrip voor een film

De film is opgedragen voor al de studenten die moeilijkheden kregen tijdens hun studie doordat ze christen waren. Vooral voor hen die durfden op te staan en op te komen voor hun geloof. De film toont aan hoe je als gelovige nog steeds het recht hebt om dat te verdedigen. We weten allemaal dat niet iedereen dit kan en durft. Dié boodschap, die vooral in het begin duidelijk is, vind ik zeker een mooi begrip om een film over te maken. Ook het feit dat het op jongeren gericht is en daarin ook beter slaagt dan eender welke christelijke film die ik ooit zag, vind ik een pluspunt.

Mijn persoonlijk besluit
Toon deze film aan een atheïst en hij lacht er mee. Toon deze film aan iemand die geen mening heeft over het geloof en hij vindt het saai in het begin, en zal stoppen met kijken, doordat hij zichzelf er helemaal niet in zal herkennen. Toon deze film aan een christen en ja, hij zal geraakt zijn, maar kritische christenen zullen op het einde énorm met hun ogen draaien. Dit was bij mij toch het geval.

God’s Not Dead – Pure Flix (2014)

About The Author

Leave a Reply

Your email address will not be published.